vincentenjeannette.reismee.nl

We zijn in El Calafate

Na twee broodnodige rustdagen vertrekken we vanuit ons hostal in Punta Arenas richting Puerto Natales. We willen weer via een gravelroute, die via een pinguïnpark leidt. De eerste afslag die we willen nemen is afgesloten, daar zijn ze flink aan het werk. Dan maar een stukje verder. Er staat aangegeven dat het pinguïnpark gesloten is. We gaan ervan uit dat we er wel gewoon langs kunnen. Vanaf dat moment trekt de wind flink aan en na korte tijd gaan we niet veel harder dan 6 km/uur. Het is echt knokken tegen de wind in. Na ongeveer 10 km horen we van een tegemoetkomende automobilist dat de weg, die onderdeel uitmaakt van het pinguïnpark, is afgesloten. Dat is een flinke streep door de rekening. We moeten onze route aanpassen en we hebben dat hele stuk voor niks tegen de wind in gefietst. In een razendsnel tempo zijn we weer terug bij de hoofdweg, ruta 9. Voor ons ligt 250 km betonweg rechtdoor om in Puerto Natales te komen.
De wind blijft hard uit het westen waaien en wij blijven er tegenin knokken. Bij een politiepost lunchen we lekker uit de wind en kletsen even met een stel Franse fietsers die vanuit Quito zijn komen fietsen. Aan het einde van de dag vinden we eerst een aangegeven tankstation die bij aankomst in ver vergane toestand verkeert. Er is ook niemand. Even verder is een estancia waar we weer in een huis mogen slapen. Het kleine oude mannetje, waar we geen foto van mogen maken, maakt zelfs de kachel voor ons aan.
Dan nog twee lange dagen fietsen voordat we in Puerto Natales zijn. Tijdens de tweede dag maak ik de opmerking dat het een saaie dag is, beetje bewolkt, niet al te veel wind en uitgestrekte pampa met verder helemaal niets. Op zo’n saaie dag blijft het uitzicht inderdaad wel zo’n beetje de hele dag hetzelfde maar toch zien we dan nog van alles. Koeien en paarden in de wei maar ook lama’s, die eigenlijk guanaco’s heten, flamingo’s, vossen, caracara’s, parkieten en nandu’s. Toch niet de meest alledaagse dingen om te zien. Als we wat dichter bij Puerto Natales komen zien we het landschap veranderen. We zien nu af en toe wat bomen en ook wat meer rotsen. In de verte doemen de bergen van Torres del Paine al op. Mooi om hier doorheen te fietsen.

We zijn legaal in Chili!
15 km voor Puerto Natales zien we een grenspost. We besluiten om te vragen hoe we om moeten gaan met ons tot nu toe illegale verblijf in Chili. Alles gaat in het Spaans maar het lukt me om uit te leggen wat ons probleem is. We krijgen een stempel om Chili uit te gaan, fietsen 3 km Argentinië in om een stempel voor in, en ook voor uit Argentinië, te halen. De douane beambte snapt niet waarom maar zet wel netjes alle stempels. Weer dezelfde 3 km terug en we zijn weer bij de douanepost in Chili. We krijgen netjes een stempel en formulier en zelfs een goedkeuring om de fietsen mee te mogen nemen. Yes! We zijn nu echt in Chili. Gelukkig valt de wind mee. Deze dag fietsen we 112 km voordat we in Puerto Natales aankomen.

Puerto Natales
In Puerto Natales vinden we een leuk hostel waar we twee nachten blijven. Het is een erg relaxed dorp. Allemaal laagbouw, gezellige huisjes en een mooi uitzicht op zee. Het centrum is gezellig met wat winkels, restaurantjes en cafés. Er heerst een goede sfeer. Toch besluiten we om na een dag weer te vertrekken. Het weer is goed en de verwachtingen ook en we willen wat tijd doorbrengen in Nationaal park Torres del Paine. We doen inkopen voor 6 dagen en onze tassen puilen uit van het vele eten. Allemaal om zo lang mogelijk in het park te kunnen blijven.

Torres del Paine
De route naar het park is erg mooi en het is vandaag compleet windstil. Een beetje op en af met mooi uitzicht op de besneeuwde bergen van Torres del Paine. Af en toe een meertje maakt het uitzicht compleet. Ook dit is weer een alternatieve route en we zien bijna geen verkeer. Even later komen we op de reguliere route naar Torres del Paine. Die is wel iets drukker maar nog steeds prima te doen. Op ripio is het altijd zoeken naar de beste plek op de weg. Niet te veel stenen, ook liever geen wasbordprofiel. Dan blijft er vaak nog maar 1 paadje over, voor ons vaak links van de weg. We blijven vaak gewoon links fietsen en gaan er maar van uit dat de auto’s en bussen voor ons uitwijken. Het venijn zit hem vandaag in de staart. Er zijn nog een paar pittige klimmetjes, tot 11%, nodig om bij de eerste camping in het park te komen. De camping is onverwacht mooi en luxe. We hebben een hutje, ter beschutting van de wind, een picknicktafel en zelfs elektriciteit. We kunnen ook heerlijk warm douchen. Daar hadden we allemaal niet op gerekend dus genieten we er echt van.
De volgende dag fietsen we 16 km verder naar camping Pehoe. Dit keer moeten we een aantal hellinkjes tot 14% bedwingen. Gelukkig hebben we al wat kilometers in de benen en komen we in ieder geval fietsend boven. Ook deze camping is weer super mooi. Hij ligt aan een gletsjermeer met diepblauw water. We blijven hier twee nachten en lopen naar een uitkijkpunt waar je ook condors zou kunnen zien. Gisteren zagen we ze in de verte wel vliegen maar nu we er zijn zien we ze niet. Het uitzicht is in ieder geval de moeite waard. We zijn gewaarschuwd voor de gordeldieren die hier de hele dag rond snuffelen, op zoek naar eten. We hangen iedere keer netjes alle tassen met eten op in ons hutje. Eén onbewaakt ogenblik, als we even gaan douchen, slaat een gordeldier toe. Hij heeft al wat brood op en doet zich nu tegoed aan onze kaas. Wegjagen dat beest en redden wat er nog te redden valt van de kaas en het brood. Gelukkig valt de schade mee. Dat gaat ons niet nog een keer overkomen.
Een dag later fietsen we 35 km naar de volgende camping in het park, camping Torres. Ook hier willen we weer twee nachten blijven. Je kunt hier nu alleen maar terecht met een reservering en die hebben we niet … We fietsen de afzetting voorbij en gaan naar het kantoortje op de camping. Het voorstel is om het dubbele tarief te betalen omdat we geen reservering hebben. Daar hebben we natuurlijk geen zin in en na een beetje onderhandelen betalen we 5.000 pesos (7 euro) meer dan de eigenlijke prijs. We zijn er tevreden mee. We zoeken een mooi en windvrij plaatsje. Ook deze camping is weer erg mooi. Deze keer niet met vaste plaatsen. Alleen maar kleine wandeltentjes. Onze tent is veruit het grootste van de hele camping.
Vandaag willen we naar het uitzichtpunt op de Torres lopen. Drie granieten punten in de bergen waar het park zijn naam aan te danken heeft. Het punt ligt op 900 m, dat is voor ons 750 m stijgen. De dag begint met een stralende zon, blauwe lucht en bijna geen wind. Vol goede moed beginnen we aan de wandeling. Het landschap is mooi en het pad gaat op en af. Het is uiteindelijk nog een hele klim tot aan het uitzichtpunt. Het is ondertussen ook veel meer bewolkt geworden. Na een half uurtje komt er wat meer blauw in de lucht en zien we de Torres net zonder wolken. Ze zijn 2600 en 2800 m hoog. Dan weer via hetzelfde pad terug. Het valt behoorlijk tegen. Bergop gaat erg langzaam en onze benen doen zeer. In die paar weken hebben we toch al behoorlijk wat fietsspieren gekweekt. De wandelbenen zijn verdwenen. Als we weer terug zijn op de camping blijkt dat we meer dan 20 km hebben gelopen maar ook in totaal 1300 meter hebben geklommen. Geen wonder dat onze benen zo’n zeer doen. Vandaag maar vroeg slapen om morgen weer lekker te kunnen fietsen. We kijken al twee dagen tegen de eerste klim van morgen aan waar de auto’s en bussen tergend langzaam tegen omhoog kruipen.

Op weg naar El Calafate
Het klimmetje is 20% maar wel te doen omdat we harde wind mee hebben. Het grootste deel van de dag rijden we op asfalt en hebben we de wind mee. Bij de Chileense grens treffen we een Duitse fietser waarmee we nog wat info uitwisselen. 10 km verderop halen we de nodige stempels om Argentinië weer in te mogen. Dan is het nog 45 km naar Tapi Aike. Daar is een politiepost waar je kunt overnachten. Omdat de wind nog steeds gunstig is besluiten we om door te fietsen. Doordat we een verkeerde afslag nemen komen we op de oude weg naar Tapi Aike uit. Allemaal ripio, 10 km langer maar wel erg mooi. Om 18.30 uur, na 118 km en 1150 hoogtemeters komen we bij de politiepost aan. Tent opzetten is geen probleem en we mogen de douche en het toilet gebruiken. Het waait nog steeds hard maar we vinden een mooi plekje om te koken uit de wind. Nog even zitten en vroeg slapen na een zware en lange dag fietsen. Morgen ligt er 65 km hele slechte ripio voor ons.
Na de politiemannen te hebben bedankt gaan we op weg. De ripio is inderdaad erg slecht. We stuiteren soms echt op de fiets. Het is eigenlijk niet te geloven dat alle tassen op de fiets blijven zitten en dat de fietsen niet uit elkaar trillen. We hebben eerst de wind mee dus dan is het nog te doen. Rond 11 uur draait de wind en krijgen we hem schuin van voren. Het laatste stuk is bijna niet meer te fietsen tegen de wind in. Uiteindelijk doen we, inclusief pauzes, meer dan 8 uur over de 65 km ripio. Als we bij de asfaltweg komen zien we precies 1 gebouw staan. Daar dus maar naar toe want verder fietsen is vanwege de wind absoluut geen optie. Het blijkt een meteorologisch station te zijn wat wordt bemand door een echtpaar, Oscar en Mercedes, wat er ook woont. Ze hebben een kamer met bedden voor ons, een warme douche en we zitten in de keuken/woonkamer. Even na ons arriveert er een Mexicaan, Herman, die vanaf Cusco onderweg is naar Ushuaia. Altijd leuk om tips uit te wisselen. Omdat Herman bijna geen eten meer heeft vraagt hij of Mercedes voor hem wil koken. Uiteraard doet ze dat, en ook voor ons. De volgende ochtend maakt ze ook nog een ontbijt. Omdat de verwachting is dat er ook deze dag weer veel wind zal zijn vertrekken we vroeg, om 7 uur. Het waait al behoorlijk en uiteraard hebben we wind tegen. We houden elkaar uit de wind en wisselen iedere 2,5 km. Zo is het op zich wel te doen. We klimmen in 30 km naar het hoogste punt van de dag op 800 m hoogte. Dan volgt er een fijne maar wel koude afdaling. We zetten koffie en thee op een parkeerplaats en zitten heerlijk in het zonnetje. Als we weer vertrekken blijkt de wind wat te zijn gaan liggen. Als dat zo blijft gaan die 95 km naar El Calafate vandaag wel lukken. En dat is ook zo. In de middag is er nog minder wind en rond 15.00 uur zijn we al op de camping. We vinden een mooi plaatsje, met gras ondergrond, voor de tent en lopen even het dorp in. Wat direct opvalt is dat er erg veel toeristen zijn maar vooral dat alles er mooi verzorgd en ook groen uitziet. Prima plek om weer een paar dagen bij te komen. Iedereen is hier vanwege de gletsjer, Perito Moreno. Die is 75 m hoog en er vallen regelmatig stukken van af. Morgen doen we een tour naar deze indrukwekkende gletsjer.

Op naar de Carretera Austral
De eerste 1000 km fietsen hebben we erop zitten. Vanaf hier fietsen we in 2 of 2,5 dag naar El Chalten. Vanaf die plek gaan we richting de Carretera Austral. 1200 km ripio over een schitterende weg. Vanaf daar is de wind verdwenen maar hebben we weer met andere elementen te maken zoals hogere bergen, steile en lange hellingen, slechte ripio en waarschijnlijk veel regen. Om op de Carretera Austral te komen moeten we een stuk van 6 km overbruggen waar eigenlijk geen weg is. Het schijnt een pad door een bos te zijn wat helemaal is uitgesleten. Zo ver dat in ieder geval de tassen van de fiets moeten. Voor ons is het pad bergop dus we zullen ook regelmatig elkaar moeten helpen met de fiets naar boven duwen. Er schijnt ook nog een stuk moeras te zijn …
Avontuur genoeg wat we de komende tijd tegemoet gaan.

Alternatieve route van Rio Grande naar Punta Arenas

We doen voor 6 dagen boodschappen. Afhankelijk van de wind kan het zo lang duren voordat we bij de boot in Porvenir aankomen die ons naar Punta Arenas zal brengen. Het past allemaal maar net in de fietstassen.

Alternatieve route
We vertrekken vroeg vanuit ons hostel in Rio Grande. Iedereen is nog in diepeslaap en ook voor het ontbijt is het nog te vroeg. Dan onze eigen broodvoorraadaanspreken. Het waait al wel maar nog niet heel hard. We willen via eenalternatieve route naar Porvenir en uiteindelijk Rio Grande fietsen. Daarvoormoeten we 15 km terug over de ruta 3. Er is ook een binnendoor weg van ripio.Daarvoor moeten we aan het begin en eind onze fietsen over een hek tillen. Alletassen eraf en hop erover. We komen precies uit bij de politiepost. Daar begintde ripio weg waarvan we niet zeker weten wat die ons gaat brengen. Een heel dunlijntje op de kaart en een via via verhaal dat een Belg pas geleden deze routeheeft genomen. We zullen zien. De weg is best goed en de wind is redelijk maarnog wel tegen in te fietsen. Het landschap bestaat uit één grote kale vlaktemet regelmatig een groep lama’s. Erg mooi om te zien, ik krijg er maar geengenoeg van. Soms zit de weg vol gaten en kuilen of bestaat hij uit alleenwasbord. Gelukkig duurt dat nooit lang. Voor de eerste koffiestop vinden we eenmooi schuurtje om uit de wind te zitten en voor de lunch een groepje bomen dieons luwte geeft. Het waait ondertussen behoorlijk. We willen graag vandaag de Argentijnsegrens halen en daar vragen of we kunnen kamperen. Daar aangekomen krijgen weeen heel recreatiegebouw toe gewezen. Compleet met werkend gasfornuis enmatrassen op de grond. We zijn helemaal happy.

Smokkelen
De volgende dag is het heerlijk weer, helemaal windstil. We vertrekken richtingChileense grens. Daar maken we ons een beetje zorgen over. Je mag naar Chiligeen verse spullen meenemen. Die hebben we nogal wat bij ons, we zijn nog weleen aantal dagen onderweg. We hebben groente, fruit, eieren, kaas en vlees. Wekregen een tip van een Oostenrijks koppel om de verboden spullen in een apartetas te doen en die buiten het gebouw ergens neer te zetten. Check van de tassendoen ze toch altijd binnen. We zijn benieuwd of dat gaat lukken. We zijn rond 7uur bij de grens en zien helemaal niemand. De slagboom is naar beneden maardaar fietsen we gewoon langs. We zijn blij dat we er voorbij zijn en geen checkhebben gehad. We hebben al onze lekkere verse spullen nog. Later horen we vaneen Italiaan dat dit misschien niet zo’n goed idee is, nu zijn we eigenlijkillegaal in Chili, kan nog wel een probleem worden als we het land weer uitwillen. Moeten we nog eens even over nadenken.

Nog meer fietsers
Het weer blijft prachtig en net als we even een kleine pauze hebben komt er eenfietser ons tegemoet. Het blijkt een Duitser te zijn. Hij is al een jaar en 10maanden onderweg en is bezig aan zijn laatste dagen richting Ushuaia. Wewisselen nog wat informatie uit en gaan weer verder.
Zo komen we bijna dagelijks wel één of meerdere fietsers tegen. De meesten zijnbezig aan het laatste deel van hun reis richting Ushuaia. Zoals we al wisten iseen reis van 3 maanden ook erg kort. De meesten zijn 1 – 2 jaar onderweg.

De wind
Aan het einde van de dag gaat het regenen. We zien een klein bosje en daarnaniets dan leegte voor ons. Het is nog redelijk vroeg maar omdat we niet wetenwat we verder nog tegen komen zoeken we een plekje in het bos. Een mooie grasondergrond en zelfs een stookplaats. Daar maken we die avond, als de regen weerover is, dankbaar gebruik van. We hebben een heerlijk warm vuurtje. We staanlekker uit de wind maar horen wel aan de bomen dat het nog steeds waait. Zo ookde volgende ochtend. Als we vertrekken hebben we pal de wind tegen en we moetenbehoorlijk trappen om tegen de wind in de komen. De snelheid gaat van 10, 9, 8en soms zelfs maar 6 km/uur. Onze troost is dat er na 35 km een afslag komt.Daarna zullen we in ieder geval deels de wind mee hebben. En dat is zo! Wat eenverademing. De eerste 25 km hebben we 3 uur over gedaan, nu doen we bijna 20 kmin een uur. Onderweg ligt er één hele grote kei waar we goed achter kunnenzitten voor een wind loze lunch. Die middag bezoeken we een parkje waar ze de koningspinguïnsweer hebben geïntroduceerd. Ze zijn hier voor het laatst uitgestorven en komennu alleen nog op Antarctica voor. Sinds enkele jaren hier dus ook weer.Prachtige beesten met die gele kleur. Dan nog 15 km te gaan naar het oudebusstation op de kruising, een begrip onder fietsers. De ripio weg bevat veellosse stenen in het laatste deel en dat fietst zwaar en is lastig om overeindte blijven. Op de valreep vinden we onderweg ook nog een geocache. 

Oud busgebouw op de kruising
Na 80 km bereiken we het oude busgebouwtje. Een klein houten gebouwtje vanongeveer 4 bij 3 meter. Er staan een paar banken in en er ligt een matras. Fijnom uit de wind te zijn, die is ondertussen aangewakkerd tot stormkracht. Wekoken, zoals iedere dag, een heerlijke pasta maaltijd en hebben een rustigeavond. We slapen op het matras. Om 23.30 uur worden we gewekt door nog 2fietsers. Ze zijn in de avond gaan fietsen toen de wind was gaan liggen. Diekwam toch weer opzetten en hebben moeten opboksen tegen stormwind, uiteindelijkook nog in het donker. Ze waren superblij dat ze er in het hokje nog bijpasten. Eén van de twee mannen is de Italiaan die we in het hostel in RioGrande hebben ontmoet. Klein wereldje zo.

Op naar Porvenir
In de ochtend praten we wat over de wind. Die is nu nog rustig maar weverwachten dat die later vandaag wel weer op zal komen zetten. Er zou op 40 kmvan hier nog een soortgelijk bushokje zijn. We gaan gewoon fietsen en we zienwel. Porvenir ligt 95 km verderop. De wind valt de eerste paar uur wel mee, natwee uur hebben we al 25 km afgelegd en koffie zetten we in het bushokje op 40km. Helaas is het maar klein en heeft het kapotte ramen en geen deur. Geenoptie om te overnachten. Mijn benen voelen als pap en ik kom maar niet vooruit.Ik hoop dat we iets vinden om te overnachten want helemaal naar Porvenirfietsen vandaag zie ik eigenlijk niet zitten. Het heeft ook niet zoveel zin. Deboot naar Punta Arenas vertrekt vandaag om 14.00 uur, dat halen we niet. Morgenvertrekt die pas om 19.00 uur. Het landschap is weer heel weids met links dezee en rechts een glooiende kale vlakte met af en toe wat koeien of schapen.Altijd lopen er wel ergens wat lama’s. We zien, net als gisteren, weer eenmeertje met flamingo’s. Rond lunchtijd zien we wat visserhutjes aan de kust engaan een kijkje nemen. Helaas allemaal op slot. We kunnen wel lekker uit dewind zitten. 

Slapen op een estancia
We gaan weer verder en zien na een half uurtje een estancia heel dicht bij deweg. Vaak staan de estancia’s met naam aangegeven en liggen ze een aantalkilometers vanaf de weg. Deze niet. We besluiten om erheen te gaan en te vragenof we mogen kamperen. De man vraagt direct of we in een huis willen. We zeggennog beleefd dat we alleen een plaats voor de tent willen. Als hij het nogmaalszegt willen we natuurlijk graag een kijkje nemen. Het blijkt een leegstaandhuis te zijn, waarschijnlijk bedoeld voor arbeiders op de estancia. Het is eencompleet huis met keuken, badkamer, woonkamer en slaapkamer met stapelbedden enmatrassen. Er is een kachel in de woonkamer en voldoende droog stookhout. Wateen cadeau! Dit is echt lekker om even bij te komen. Het uitzicht vanuit dewoonkamer is adembenemend; landerijen op de voorgrond, dan de zee en daarachternog de bergen van de overkant. We maken de kachel aan en zitten heerlijk warm.We lezen wat en zoeken alvast wat foto’s en filmpjes uit.
We hebben thuis ansichtkaarten laten maken die we achter kunnen laten alsbedankje. Dat doen we hier natuurlijk ook. De vrouw des huizes komt nog naarbuiten als we vertrekken en we bedanken haar uitgebreid.

Het laatste stukje naar Porvenir
Het waait behoorlijk en we moeten behoorlijk tegen de wind opboksen. Weverwachten dat het laatste stuk nog zo’n 35 km zal zijn, dat blijken er later40 te zijn. De lucht is dreigend, wat mooie plaatjes met een regenboogoplevert. We doen een paar keer onze regenspullen aan en uit. Op een gegevenmoment stopt er een auto een paar honderd meter voor ons. Er stapt iemand uitdie ons twee blikjes cola geeft. Super leuk en lekker. De chauffeur stapt ook uitom te vragen of we er blij mee zijn. Nou, echt wel! We drinken er meteen éénop. We komen in totaal 7 fietsers tegen die vanaf de boot op weg zijn naar hetzuiden, naar Ushuaia. We geven nog wat tips mee voor het vervolg en ze hebbenook nog wat tips voor ons. Als we Porvenir bereiken is daar meteen eenbenzinepomp. We tanken onze brandstoffles vol en willen met een briefje van20.000 peso betalen. Dat blijkt te groot geld te zijn (28 euro is te veel geldbij een tankstation!). Een Chileen die ook wil tanken zegt meteen toe om onzebenzine te betalen. Super aardig.
We zijn rond 14 uur in Porvenir en de boot naar Punta Arenas vertrekt om 19uur. We doen wat inkopen in een supermarktje en doden de rest van de tijd ineen cafeetje vlak bij de ferry. We boeken voor de zekerheid een hostel, waar wedoodmoe om 22.00 uur aankomen.
Tijd voor een rustdag, voor onze benen, de was en nieuwe inkopen.

De eerste fietsdagen in Patagonië

Tierra del Fuego
We vertrekken vanuit ons Airbnb adres in Ushuaia richting het nationaal park Tierra del Fuego. De asfaltweg gaat al snel over op een onverharde weg, wat ze hier ripio noemen. We hebben veel kilo’s bepakking, toch gaat het fietsen prima. Wel altijd even wennen aan zoveel gewicht. Na entree te hebben betaald voor het park fietsen we verder. Eerst naar het einde van ruta 3, de weg die helemaal vanaf Buenos Aires loopt en hier in het park, meer dan 3000 km verderop, eindigt. Een paar kilometer terug is een plek waar je mag kamperen. We vinden een mooi plekje aan de rivier. Het is lekker weer, het zonnetje schijnt en we lezen even in de zon. ’s Middags maken we een korte wandeling. In de avond maken we een vuurtje op de speciaal daarvoor aangelegde vuurplaats. Een mooi begin van onze reis op deze manier. De volgende ochtend vertrekken we voor onze eerste echte fietsdag. Als we Ushuaia uit fietsen moeten we ons registreren bij een politiepost. Dan fietsen we de ruta 3 weer op, richting het noorden.

Op weg naar Tolhuin
Het is heerlijk weer, de zon schijnt, 23 graden en bijna geen wind. In het park hadden we al een stel fietsers ontmoet en in de middag komen we een koppel uit Korea tegen. Altijd even stoppen en wat ervaringen uitwisselen, weten we van eerdere fietsreizen. ’s Middags hebben we een klim naar 400 meter. Direct na de klim dalen we af via een ripio weg om een mooi kampeerplekje te zoeken aan een meer. Dat lukt. Het voordeel van kamperen aan een meer of rivier is dat er voldoende water is om te wassen, af te wassen en tanden te poetsen. We gebruiken het water ook als drinkwater.
De volgende ochtend breken we de tent weer op en vertrekken richting Tolhuin. Een klein dorp met een wereldberoemde bakker. Vooral onder fietsers is Panaderia Union erg bekend. Iedereen gaat erlangs en als je wilt kun je er als fietser gratis overnachten. Wij zijn er rond lunchtijd en eten een lekker broodje. We kopen nog wat broodjes voor de volgende dagen. Na Tolhuin volgen we onzer GPS via een alternatieve route, over een ripio weg, nemen naar Rio Grande. Het is 40 km om maar lijkt wel mooi. We wagen het erop. Voor die tijd komen we nog een Frans meisje tegen op de fiets die een goede tip heeft voor een hostel in Rio Grande.

Alternatieve route
Het weer is nog steeds prima en veel wind hebben we ook nog niet gehad. Na zo’n 80 km fietsen vinden we het welletjes en vinden een mooie kampeerplek in een bosje. Helaas regent het die avond. We zitten in de tent en koken daar ook. Weer eens wat anders. Ik hoor de volgende ochtend dat er beesten dicht bij onze tent lopen. We hebben gisteren gezien dat er stieren loslopen, die zullen hier nu wel lopen. In de tent voel ik me veilig. Als we opstaan zien we ze niet meer. Totdat we druk bezig zijn met alles inpakken. Ik zie een stier in het bos rustig naar ons staan kijken. Het blijken er drie te zijn en ze komen dichterbij. Rustig pakken we alles in. Ze staan daar maar te kijken en zijn niet echt in ons geïnteresseerd. Gelukkig lopen ze even later weer verder en is voor ons de weg vrij om onze fietsen weer richting de weg te duwen. Ik ben blij als we op de weg staan en weer kunnen fietsen.
We hebben berekend dat het nog ongeveer 150 km is naar Rio Grande, nog twee fietsdagen te gaan. Het landschap is prachtig. Soms wat bos maar meestal grote lege vlaktes met in de verte wat koeien of stieren. We zien regelmatig groepen lama’s lopen. Een mooi gezicht. Ook komt er af en toe een vos voorbij. Rond het middaguur zien we een estancia (boerderij) dicht bij de weg en vragen of we ons drinkwater bij mogen vullen. In totaal nemen we zo’n 10 liter mee. De wind is ondertussen flink aangewakkerd. We fietsen nog 8 – 10 km/uur. We vinden een windvrij plekje om te lunchen. Nood gedwongen maken we er een lange dag van. Op het moment dat we een plekje willen zoeken voor de tent is er werkelijk niets, alles is afgerasterd met zeven! draden. Het blijft klimmen en dalen. We zien ondertussen nog een groep Patagonische rotsparkieten vliegen. Na 90 km vinden we uiteindelijk toch een geschikt plekje, pal naast de zandweg.
Het regent vannacht behoorlijk maar als we opstaan is het droog. Als we vertrekken merken we meteen dat ripio waar water op is gevallen veel zwaarder fietst. Na een paar kilometer is er een stuk bergop waar wij en de fietsen 5 cm in wegzakken. Na een paar meter kunnen allebei de wielen van de fiets niet meer draaien van de kleimodder. We ploeteren een paar honderd meter en zijn het stuk gelukkig voorbij. Met een tentharing halen we de modder zoveel mogelijk tussen de remmen en spatborden vandaan. Het valt niet mee maar uiteindelijk kunnen we weer fietsen. Zo volgen nog twee van deze stukken. De eerste 17 km leggen we af in ruim twee uur. Dan zijn we weer bij ruta 3 en het asfalt. Er vliegen grote roofvogels boven ons hoofd. We weten niet wat het is maar ze hebben spanwijdte van wel 2 meter. We hebben de wind recht van voor en omdat de fietsen nog niet echt schoon zijn en zwaar rollen is het nog een hele toer om in Rio Grande aan te komen. Net als we willen gaan lunchen gaat het regenen. Regenkleding aan en gewoon theezetten en een boterham eten. Als we weer vertrekken hebben we opeens de wind helemaal vanachter en de laatste 15 km gaan lekker snel.

Rio Grande
In Rio Grande zoeken we hostel Argentino op, de tip van het Franse meisje. Leuk hostel. Beetje aftands maar daardoor ook niet zo duur. Wel gezellig met een zitkamer en een keuken om te koken. We ontmoeten hier ook weer een Oostenrijks koppel wat we in Tierra del Fuego al hebben ontmoet.
De douche is heerlijk na 5 dagen wassen in rivier of meer of, zoals de laatste twee dagen, een washandje met een litertje water. Helaas is er geen wasmachine in het hostel dus doen we alles met hand. Toch altijd behoorlijk wat werk. Ze hebben wel een mooi drooghok bij een kachel. We besluiten om hier nog een extra dag te blijven en lekker rustig aan te doen. We doen inkopen voor de komende dagen, schrijven dit verhaal en maken een filmpje. Morgen vertrekken we weer verder naar het noorden. Omdat er harde wind is voorspeld willen we al vroeg vertrekken, waarschijnlijk rond 6 uur. In de vroege ochtend waait het een stuk minder hard. We willen weer via een alternatieve route, via een park met Koningspinguïns, naar Porvenir en Punta Arenas. We verwachten dat dit 5 of 6 dagen fietsen is. Onze tassen zullen morgen dus vooral uitpuilen met een grote voorraad eten.





Ushuaia

De reis
We zijn in Ushuaia. De zuidelijkste stad van de wereld.
De reis hier naar toe is voorspoedig verlopen. Zondag vanaf Den Bosch met de trein naar Schiphol. We kunnen meteen inchecken, alle bagage wordt door gelabeld naar Ushuaia. Dat is gunstig voor het vervoer van de fietsen. Na betaling van € 100,- per fiets krijgen we een mooi bewijs dat we betaald hebben voor onze fietsen tot aan de eindbestemming. Na een vlucht van 15 uur komen we aan in Buenos Aires. De beambte bij de paspoortcontrole snapt niet waarom we zouden gaan fietsen in Argentinië. Helemaal niet toen we vertelden dat we in Patagonië gaan fietsen. We halen onze bagage op en lopen naar de nationale terminal voor onze laatste vlucht. Zonder problemen checken we alles opnieuw in. Ook de fietsdozen zijn geen probleem. We hebben gelezen op internet van voorgangers dat de fietsdozen te groot zijn voor de scanner. We hebben daarom voor een zo klein mogelijk pakket gekozen. Na een, voor ons, onverwachte tussenstop in El Calafate komen we uiteindelijk aan in Ushuaia. Als we buiten komen blijkt het zo hard te waaien dat we bijna met fietsdozen en al wegwaaien. We hebben twee taxi’s nodig om alles mee te krijgen. De taxichauffeur klaagt zelfs over de harde wind. Gelukkig maar, we waren al bang dat dit normaal was.

De eerste dagen
We worden vriendelijk ontvangen door Carmen van onze Airbnb. We installeren ons en lopen naar het centrum om een hapje te eten. Na een goede nacht zetten we als eerste onze fietsen in elkaar. Na een paar uur is ons vervoermiddel voor de komende maanden weer helemaal in orde. Die middag verkennen we het stadje met de fiets en doen alvast wat inkopen in de supermarkt voor de eerste paar dagen. In een nieuw land is het altijd goed kijken wat er allemaal is, en wat we kunnen gebruiken onderweg. De prijzen blijken nagenoeg hetzelfde als in Nederland.
Woensdag fietsen we naar de voet van de Martial gletsjer. Mooie test voor de fietsen en voor onze benen. 300 m klimmen tot aan het begin van het wandelpad. We willen koffiezetten, maar de brander lekt benzine. Dus drinken we maar gewoon water.  We lopen een heel stuk omhoog, vooral voor het uitzicht over het Beaglekanaal en Ushuaia. De gletsjer zelf zien we niet. De afdaling op de fiets is behoorlijk fris, ondanks dat er bijna geen wind staat. 8 graden is toch niet zo heel warm … De weg is wel verhard. Vincent repareert de brander in de B&B. Een ringetje vervangen, maar die moet je dan wel hebben.
Morgen, donderdag, gaan we echt vertrekken. Dat wordt onze eerste fietsdag met volle bepakking. We fietsen richting het Nationaal park Tierra del Fuego, oftewel Vuurland. Een dag later zullen we Ushuaia weer voorbij fietsen richting Tolhuin.

Het is bijna zover!

Nog precies een week voordat we vertrekken voor onze fietsreis naar Patagonië.
15 januari 2017 zullen we vertrekken en als alles volgens planning verloopt zijn we op zondag 16 april 2017 weer thuis. Het zal zwaar maar ook geweldig mooi worden. We hebben er superveel zin in!

De laatste weken staan in het teken van ons vertrek. Nog wat laatste dingen aanschaffen, alle spullen bij elkaar pakken en zorgen dat de kasten, koelkast en diepvries leeg zijn. De fietsen zijn inmiddels ingepakt in dozen en alle spullen liggen in een hoek van de woonkamer. Nog een paar kleine dingetjes en dan hebben we alles compleet. Rest ons eigenlijk niets meer dan ervoor te zorgen dat alles in huis opgeruimd en schoon is voordat we in het vliegtuig stappen.

Deze reissite is dé plaats om op de hoogte te blijven van alle avonturen en ervaringen tijdens onze fietsreis in Patagonië. Vanaf 16 januari zul je hier dan ook regelmatig nieuwe verhalen en foto's vinden, en via de kaart weet je altijd precies waar we ons bevinden en waar we zijn geweest!

Wij vinden het leuk als je ons volgt.

De allerlaatste fietsdagen

De busritten naar Christchurch en later naar Kaikoura zijn voorspoedig verlopen. Onze fietsen konden op beide ritten mee.

Walvissen

Kaikoura is een klein maar gezellig plaatsje pal aan de kust. Het is vooral bekend van de tourtjes om walvissen te spotten of om te zwemmen met dolfijnen. Wij kiezen voor het walvissen spotten. Als je één of twee exemplaren ziet mag je blij zijn. Wij zien er twee! De boot komt heel erg dicht bij. Leuk om te zien hoe zo'n walvis eerst een tijdje ligt te ademen, af en toe wat water spuwt en dan weer onder water te verdwijnen. Ze komen 1 keer per 40 tot 60 minuten boven om te ademen en zijn zo'n 10 meter lang. 

Kaikoura

We besluiten om hier nog een dag te blijven en dan 1 dag korter in Christchurch. We zijn tijdens de busrit een paar uur in Christchurch geweest en de stad ligt na de aardbeving van 2011 nog behoorlijk in puin. De stad is weer in opbouw, en ze zijn nog maar net begonnen. Overal nog open vlaktes en vooral veel bouwputten. In het centrum vooral veel tijdelijke voorzieningen.

We maken in Kaikoura een wandeling over het schiereiland. Lekker rustig met allerlei mooie rotspartijen, koeien, schapen en een zeehonden kolonie.

De laatste fietsdagen

We zien dat de riem van Vincent zijn fiets 5 tanden mist en dat er 21 tanden los zitten. We weten niet zeker of die het wel gast houden tijdens de laatste paar fietsdagen. 300 km en 2000 hoogtemeters!! We gaan het gewoon proberen. In het ergste geval moeten we liften naar Christchurch.

De route voert ons door de bergen. Het klimmen gaat geleidelijk en de omgeving is behalve dor en droog ook erg mooi door de verschillende kleuren die zo'n droge berg dan toch nog heeft.

Na de tweede fietsdag komen we uit bij een camping die eruit ziet als een treinstation. De keuken is in het station zelf. Op het terrein staan een aantal oude wagons die zijn omgebouwd tot cabin die je kunt huren.

Wij zetten hier voor de allerlaatste keer onze tent op.

Hier ontmoeten we ook weer Amir uit Amersfoort. We hebben hem net voor Dunedin ook al een keer ontmoet. Hij is ook onderweg naar Christchurch en is prettig gezelschap.

Als we 's morgens wakker worden is gebeurd waar ik al een paar weken bang voor was. Er is een tentstok gebroken en die is dwars door het tentdoek heen gegaan. Als het al niet duidelijk was dat de tent echt op is dan is het dat nu wel. Hij gaat linea recta de kliko in.

De laatste 60 km naar Christchurch gaat via highway 1. Niet erg interessant en ook nog druk. Goede reden om lekker door te fietsen. Met een vaartje van rond de 25 km/uur rijden we naar Christchurch waar we al voor de middag bij ons hostel aan komen.

De terugreis

Diezelfde middag gaan we alvast op zoek naar fietsdozen om onze fietsen in te vervoeren tijdens de terugreis. We vinden ze bij een fietsenzaak aan de andere kant van de stad.

We informeren ook nog naar de voorwaarden voor het opsturen van een pakket met de kilo's die we te veel bij ons hebben. 

Onze laatste dag gebruiken we om het pakket op te sturen en de fietsen in de dozen te pakken. Als dat allemaal is gelukt trakteren we onszelf op een etentje bij de Irish pub met live muziek. Leuk om onze laatste avond zo te besteden.

Leuk dat jullie erbij waren

Wij hebben erg genoten van onze fietsreis in dit geweldig mooie land. 

Het is leuk om verhalen te schrijven en foto's te plaatsen en te merken dat die door veel mensen worden gelezen en bekeken. Ook altijd leuk om reacties van jullie te ontvangen.

We zitten nu nog lekker in het zonnetje op een terras in Christchurch. Over een uurtje worden we opgehaald door de airportshuttle en gaat onze terugreis echt beginnen.

Als alles volgens planning verloopt landen we vrijdagmiddag rond half één op Schiphol.

Alps 2 Ocean

Na de geweldig mooie vlucht met het vliegtuigje boven de gletsjers besluiten we om nog een dag in Lake Tekapo te blijven. Het is alweer een mooie plek aan een meer. Dan is het tijd om de Alps 2 Ocean cycle trail te starten. Het is een route van 300 km van, uiteraard, de Alpen naar de oceaan. We willen dit in vier dagen doen.

Dag 1 kennen we al gedeeltelijk van de heenweg vanaf Mt Cook. We fietsen heerlijk vlak langs een kanaal wat van lake Tekapo naar lake Pukaki loopt. Hiermee wordt steeds van meer tot meer stroom opgewekt. In Nieuw Zeeland komt bijna 80% van de benodigde stroom van waterkracht.

Het laatste deel van de route is een leuke trail door een vlak gebied. Het pad zelf is niet erg vlak en we worden dan ook flink door elkaar geschud. We komen regelmatig poortjes tegen waar we, met wat passen en meten, gelukkig vaak wel doorheen kunnen zonder de bagage van onze fietsen te moeten halen.

Dag twee staat in het teken van een klim, van 600 tot 900 meter. Op zich niet heel bijzonder maar dit keer is het een smal pad. Dat maakt het in ieder geval heel anders en veel avontuurlijker. Door een schakelfoutje val ik en is mijn voet gekneusd. Het is behoorlijk pijnlijk maar fietsen gaat nog best goed. Daardoor is het toch nog lastig om die berg op te komen maar uiteindelijk komen we boven. Na een afdaling over zo'n zelfde pad volgt er een heerlijke gravelweg waarbij we de wind en de helling mee hebben. De laatste 25 km leggen we bijna binnen een uur af. Dan zijn we weer terug op de camping in Omarama. Daar waren we een week geleden ook al, net na de Lindisspas.

Op dag drie fietsen we weer langs een aantal stuwmeren met powerstations. Om bij de eerste dam te komen moeten we een steil stukje op. In de beschrijving wordt gesuggereerd om te gaan lopen. Als we er eenmaal zijn blijkt het wel te doen. De helling is tegen de 14% maar daar draaien we tegenwoordig onze hand niet meer voor om. Dat kunnen onze getrainde spieren wel aan.

We komen al op tijd aan op de kleine camping in Kurow. Daar hebben we nog een heerlijke middag in de zon.

De laatste dag is vooral het tweede deel erg mooi. De trail voert ver van de verharde weg. We fietsen door landbouwgebied wat wordt afgewisseld met allerlei soorten rotsen. We zien rotsen die op olifanten lijken, verticale rotspartijen en zachte steen, een soort mergel. Alles bij elkaar is het steeds weer een heel mooi plaatje. Dit is echt genieten.

Uiteindelijk komen we aan in Oamaru waar we via een leuke route door het park en wat historische straatjes naar het eindpunt aan de haven worden geleid. Daar horen natuurlijk de benodigde foto's en een lekker ijsje bij.

Fietsen of niet?

De camping is ook aan de haven. Vanuit onze tent hebben we uitzicht op de bootjes die er liggen. We blijven hier in ieder geval twee dagen.

Het plan is om van hier uit met de bus naar Christchurch te gaan. Fietsen is niet echt een optie. Dat zou 110 km over de drukke highway 1 zijn en dat wordt door iedereen afgeraden. Dan willen we voor een paar dagen een auto huren om het deel noordelijk van Christchurch nog te verkennen.

Maar ... het bloed kruipt waar het niet gaan kan en fietsen is gewoon te leuk. We besluiten om met de bus nog iets verder naar het noorden te gaan, naar Kaikoura. Daar kunnen we walvissen en dolfijnen zien. Van daaruit is het via een route in de bergen nog drie dagen fietsen terug naar Christchurch. Dan hebben we nog net 1,5 dag over om in Christchurch nog wat zaken te regelen voordat we weer naar huis vliegen.

Vandaag, op onze tweede dag in Oamaru, hebben we dan eindelijk onze eerste geocaches gevonden. Het heeft bijna drie maanden geduurd voordat we daar aan toe gekomen zijn.

De bus

Morgen twee busritten voor de boeg. Onze fietsen mogen alleen mee als er plek is. Het schijnt nogal druk te zijn dus moeten we afwachten of dat ook allemaal gaat lukken. Op hoop van zegen.

Via de Otago rail trail en de Lindispass naar Mt Cook en Lake Tekapo

Otago rail trail

De treinrit met de historische trein duurt twee uur. Het is een mooie rit, de trein rijd door gorges en tunnels en over lange bruggen. Dan zijn we in Pukerangi. Een 'stationnetje' in the middle of nowhere. Sommige mensen gaan weer met dezelfde trein terug, de meesten worden opgehaald met een busje om in Middlemarch te starten met de railtrail. Wij fietsen de 20 km naar Middlemarch, samen met een Duits koppel. 

Middlemarch is een dorp met een paar huizen, een klein winkeltje en een aantal fietsverhuur bedrijven.

Blijkbaar hebben ze hier ook vrijgezelle boeren. Daarvoor maken ze geen televisieprogramma zoals bij ons maar is er ieder jaar op Paaszaterdag een trein die van Dunedin naar Middlemarch rijdt, helemaal vol met vrijgezelle vrouwen. Allemaal op zoek naar een leuke boer. De trein zit al maanden van te voren vol geboekt.

Het is erg mooi weer, daarom besluiten we om niet op de camping in Middlemarch te overnachten maar nog 35 km door te fietsen. De tocht is erg mooi en het gravelpad prima te fietsen. We komen bij een simpele campground met een composttoilet. Water tappen en wassen kan in de rivier. Later komen de twee Duitsers ons vergezellen.

De trail is ongeveer 150 km lang met gravel als ondergrond. Hij stijgt de eerste helft van 200 naar 618 meter. Daarna is het weer afdalen naar weer 200 meter. Op dag twee passeren we het hoogste punt. Als we daarna naar beneden fietsen voel je pas hoeveel zwaarder het naar boven fietsen eigenlijk was. Ook hier gorges en tunnels ( met een bocht ...).

Behalve de gorges is er vooral veel landbouw. We zien duizenden en duizenden schapen. De treinrail is daarvoor destijds ook aangelegd, om landbouwoogst en schapen te vervoeren. Nu de trein er niet meer is wordt de railtrail bevolkt door fietsers.

Na twee dagen zijn we ook wel weer klaar met de railtrail. Veel rechtdoor en weinig klimmen brengt ook niet zoveel variatie. We fietsen nog 20 km door naar Cromwell. We zijn blij dat we er zijn, het laatste stuk hebben we harde wind tegen, dat ben je al snel beu

Lindispass

We doen inkopen voor een paar dagen. De volgende hobbel komt eraan: de Lindispass. Hij is 960 m hoog en het volgende dorp ligt op 110 km. We gaan proberen dat in 1 dag te doen, als het niet lukt hebben we in ieder geval de mogelijkheid om ergens wild te kamperen.

De pas valt erg mee. Het klimt geleidelijk en wordt nooit echt steil. Een half uurtje na de lunch staan we op de top. Het is dan nog 35 km naar Omarama. De wind steekt weer op en komt van de zijkant. Soms best gevaarlijk, we waaien zowat van de weg af. 

Mt Cook

Weer doen we inkopen. Dit keer voor vier dagen. We fietsen naar Mt Cook, de hoogste berg van Nieuw Zeeland. Het is 95 km fietsen voordat we bij een DOC camping zijn. We willen graag een paar dagen blijven om wat wandelingen te maken. De weg er naar toe valt wat tegen. De bewolking hangt laag en daardoor hebben we geen uitzicht op de gletsjers. De campsite ligt op 750 m en het is er koud. Gelukkig is er een shelter waar we binnen kunnen zitten en koken. Ook Ronnie en Linda zijn weer op deze campsite. Na een nachtje slapen is het nog steeds mistig. We fietsen naar de informatie om te informeren naar het weer. Het zal niet helder worden vandaag, helaas geen wandeling vandaag. Als we buiten komen trekt de lucht toch open en voordat we weer op de camping zijn is het lekker warm en zonnig. De weermannen hier zullen wel dezelfde school hebben gehad als die in Nederland. Soms klopt het wel met het weer maar vaak ook niet. Snel lunchen en toch beginnen aan de wandeling naar een meer zo'n 100 m hoger. We hebben een erg leuke middag samen met Ronnie en Linda. We maken veel foto's nu we meer zicht hebben op de bergen en gletsjers om ons heen.

De campsite bevalt goed en de plek is prachtig. Daarom besluiten we om nog een dag hier te blijven.

Nieuwe tent

Onze tent begint tekenen van aftakeling te vertonen. We hebben al een paar keer verlekkerd naar de mooie vierseizoenen Hilleberg tent van Ronnie en Linda gekeken. Op een regenachtige dag in Dunedin vond Ronnie zo'n zelfde tent te koop op Marktplaats, af te halen in Helmond. Sinds die tijd zijn we via de mail in onderhandeling. Vandaag zijn we even in het visitorcenter en hebben we een kwartier gratis internet. We hebben een mail dat de koop gesloten is. We hebben een nieuwe tent! Helaas moeten we hier nog gewoon met onze 10 jaar oude Fjall Raven doen. We zetten hem steeds heel voorzichtig op zodat er geen stokken breken. Ondertussen zit er ook een winkelhaak in het doek. Dat mag de pret allemaal niet drukken. We rekenen erop dat hij het die laatste twee weken ook nog volhoudt.

Lake Tekapo

Dan is het ook wel weer genoeg geweest en gaan we weer fietsen. 56 km over dezelfde weg terug. Nu is het wel zonnig en we zitten steeds achterstevoren op de fiets om uitzicht te houden over Mt Cook en steeds maar weer foto's te maken van de gletsjer met op de voorgrond het blauwe Pukakimeer.

We fietsen vandaag de 105 km naar Lake Tekapo. Ook hier blijven we minimaal 1 dag. Het meer is ook hier prachtig blauw. Er is hier een vliegveld vanwaar je vluchten kunt maken over alle gletsjers die hier liggen. Omdat het ook vandaag zonnig is besluiten we om dat te doen. De vlucht duurt een uur en de mooie beelden spreken voor zich.

We nemen vandaag afscheid van Ronnie en Linda. Vanaf hier volgen we een andere route. We hebben bijna drie weken samen op getrokken, wat erg gezellig was.

Wij fietsen hierna via de Alps 2 Ocean trail in vier dagen weer terug naar de Oostkust. Daarmee komt het einde van onze reis in zicht.

De foto's bij dit verhaal volgen snel.